maandag 16 februari 2015

Het wonder liefde (verhaal over rouw)

Het wonder liefde
neemt je pijn weg
Als het wonder liefde
opnieuw je pad kruist

"Ik dacht dat de eerste paar weken na haar dood het moeilijkst waren."

Ze wrijft in haar ogen en sluit ze daarna terwijl ze tegelijkertijd haar slapen masseert. 
"Hoe verkeerd heb ik gedacht!"
Ze opent haar ogen die zijn gevuld met tranen.
Ze slikt krampachtig en kijkt met een gevlekt gezicht wat afwezig voor zich uit.
"Het werd niet makkelijker, juist moeilijker. Na die eerste weken ging ik weer aan het werk. lk dacht, ik moet het huis uit, dan gaat het vast beter. Tenminste, Philip werkte alweer en hij zei mij dat het hem hielp."
Haar stem klinkt schor en ze schraapt haar keel. "Dus ik ging aan het werk. En in het begin leek de afleiding te helpen!" Ze lacht schamper.
"Ha!" Ze graait in haar handtas en vindt een papieren zakdoek. Ze snuit flink haar neus en dept haar oogleden. "Na enige tijd voelde ik mij geradbraakt, opgebrand. Noem het zoals je wilt." Haar ogen kijken naar haar handen die aan de zakdoek draaien en deze uit elkaar pluizen. "Toen ging ik haar zien. 0veral, in en om het huis..." Ze huivert en kijkt even om zich heen. "Soms dacht ik haar in haar kamertje te horen spelen...die vertrouwde geluidjes die ze daar altijd bij maakte, haar gebabbel, haar lieve lach. .."
Ze buigt haar hoofd, verbergt haar handen in haar gezicht.
"Ik wilde echt zo graag geloven dat ze er weer was, haar handje in de mijne...." Ze snikt en haalt gejaagd adem. Ze probeert zichzelf te herstellen. "In het begin wilde Philip wel luisteren naar mijn verhalen over Amber. Hij knikte dan en sloeg zijn armen om me heen. Maar volgens mij irriteerde het hem later alleen maar. Daarna kon hij het zelfs niet verdragen als ik haar naam noemde." Ze glimlacht even. 
"Oh Amber...mijn kind!"
Haar gezicht wordt weer donker. "Jaren heb ik gedacht dat Philip mij alles kwalijk nam. Jaren heb ik met een schuldgevoel rondgelopen... Philip begreep mij niet en ik begreep Philip niet, dat dacht ik. We leefden allebei in onze eigen wereld. We verwerkten haar dood op onze eigen manier en groeiden verder uit elkaar."
Ze vervolgt zacht: "Jaren hebben we zo voortgesukkeld. Als zombies de schijn opgehouden, want voor de buitenwereld hadden we het verwerkt. Mensen vroegen steeds vaker of we niet opnieuw aan een baby wilden beginnen."
Ze kijkt abrupt op. Haar ogen zijn donker, haar stem klinkt hard als ze zegt: "Wij waren al blij als we de dag redelijk doorkwamen! "
Hierna zwijgt ze, haar gezicht is vertrokken. "Voor mij was Amber altijd nog in leven. En ik dacht dat ze voor Philip niets meer was dan een herinnering. Een foto op de kast. Hoe fout heb ik gedacht.” Ze kamt met haar vingers door haar haar.
“En toen kwam die zaterdagochtend. De deurbel ging. Het was een politieagent. Hij vroeg of ik Fiona Thomas was. Daarna vroeg hij mij mee te gaan naar het ziekenhuis. Philip had een ongeluk gehad. Hij was een straat overgestoken en daarbij geschept door een auto."
Ze begint zachtjes te snikken bij deze herinnering. Ze snuit haar neus en veegt de tranen van haar wangen als ze zegt: "Het was zo vreemd. Toen ik hem zag liggen in dat ziekenhuisbed leken de grijze beelden van de wereld langzaam weer te kleuren. Hij keek me aan met zo’n prachtige blik. Hij stak zijn hand uit en greep de mijne stevig vast. Hij had niet opgelet bij het oversteken, was met zijn gedachten bij mij geweest. Hij kon het niet van zich afzetten dat wij allebei kapot waren terwijl Amber dat nooit zo zou hebben gewild.
Ik besefte opeens dat ik niet alleen Amber, maar ook Philip al jaren kwijt was. En haast voor altijd.”
Weer snuit ze stevig haar neus. “We hebben samen gehuild, iets dat we nog nooit hadden gedaan. Mijn verdriet, zijn verdriet, onze angsten, onze woede. Mijn schuldgevoel, zijn schuldgevoel. Onze vervreemding van elkaar; het dagelijkse gemis van onze dochter. Alles kwam er met brokjes uit waardoor onze verwerking eindelijk kon beginnen. En stilletjes aan rijpte ons nieuwe geluk. We kregen weer zin in het leven en in een toekomst samen."
Haar ogen glimmen van tranen. maar deze keer zijn het tranen door hun herwonnen geluk. "Een paar jaar later is onze zoon Tom geboren."
Ze haalt diep adem. “We zijn dolgelukkig met hem." Ze sluit haar ogen. "Amber maakt op haar manier deel uit van ons gezin. We houden van haar, ze hoort bij ons, maar ze is er lijfelijk niet meer. We hebben haar laten gaan, we moesten wel. Het was net op tijd. Anders waren Philip en ik elkaar namelijk ook verloren.

The miracle of love

Will take away your pain...
When the miracle of love
Comes your way again
(The Eurythmics)

© Anke
PS Dit was mijn inzending voor de schrijfwedstrijd 'verliezen/verloren' van Sabi-verhalenforum en ik heb hiermee de 3e plaats behaald.




2 opmerkingen: